Laudatio Kees Bos

Meneer Bos,

In het brakke grasland langs de Oosterschelde, een oase voor steltlopers, tureluurs en andere vogels, verrijst de Plompe Toren van Koudekerke. Het dorp verdween eind zestiende eeuw in de golven, tijdens een van de vele verwoestende stormvloeden die Zeeland teisterden. De toren bleef wonderlijk genoeg overeind. En staat nu symbool voor alle verdronken dorpen in Zeeland.

In Zeeland is water vriend en vijand. De zee geeft de provincie haar charme en schoonheid, maar ook vele hoofdbrekens over hoe het te beteugelen. Het is een samenspel tussen mens en natuur dat al eeuwenlang duurt. Dijken, sluizen, dammen, waterkeringen… vooral de zichtbare herinneringen aan de strijd tegen het water, maken het Zeeuwse landschap uniek.

Wat een geluk, meneer Bos, om in dit fascinerende gebied te wonen, het te bestuderen en erover te publiceren. Dat heeft u naar hartenlust gedaan. Zeeuwse dorpen, wandeltochten, fietsroutes, de geschiedenis van Middelburg, u heeft de pracht van uw provincie van vele kanten laten zien.

Datzelfde deed u met de reeks van twaalf zogeheten ‘Zeelandboeken’ die tussen 1996 en 2008 zijn verschenen. U benaderde fondsen ter ondersteuning en gaf andere auteurs een podium om uit te weiden over de Zeeuwse cultuur, natuur, geografie en economie. En zo werd een verscheidenheid aan interessante onderwerpen dankzij uw aansturing en enthousiasme voor het voetlicht gebracht, vaak voor het eerst.

Maar uw meesterwerken, meneer Bos, zijn zonder twijfel de twee kloeke landschapsatlassen die u tot stand heeft gebracht samen met landschapsarchitect Jan Willem Bosch. In 2008 verscheen de atlas van Walcheren, het Zeeuwse schiereiland aan de Westerschelde en de Noordzee. En drie jaar geleden de atlas van de Oosterschelde. Hierin etaleert u vijf prominente personen die een essentiële rol hebben gespeeld in de ontwikkeling van het landschap – een prachtige vondst.

In de historische landschapsatlassen toont u zich een voortreffelijk sporenzoeker, die doortastend en geduldig archieven en depots induikt, geschikte bronnen vindt en deze samenbrengt. De boeken zijn ook nog eens een lust voor het oog, met schitterend beeldmateriaal, bestaande uit historische kaarten, illustraties, foto’s, en afbeeldingen van prenten en schilderijen.

Meneer Bos, u maakte eens een treffende vergelijking tussen het ontstaan van een cultuurlandschap en de vorming van een schilderij: de natuurlijke ondergrond als een eiken paneel, waarop in de loop van de eeuwen vele verflagen zijn geschilderd, weggepoetst en weer opgebracht.

Wat vertellen die verflagen ons? En wat kunnen we ervan leren? U levert de antwoorden in gloedvolle en toegankelijke verhalen. Hiermee heeft u uw talenten uit uw loopbaan, als journalist en docent geografie, op een bewonderenswaardige manier samengesmolten.

Uw atlassen, meneer Bos, zijn een verrijking voor de geografische wetenschap en het nationaal cartografisch erfgoed. Bovendien zijn ze van grote waarde voor de moderne landschapsarchitectuur. Want ze werpen niet alleen een uitvoerige blik op het roerige Zeeuwse landschapsverleden, maar zijn ook een verrekijker naar de toekomst. U nodigt uit tot reflectie en discussie. Waar is het goed gegaan, waar minder, hoe kan het anders? Op die manier zijn de naslagwerken niet alleen interessant voor liefhebbers van geografie, cartografie en geschiedenis, maar ook voor bestuurders, beleidmakers en planologen.

Meneer Bos, het is om al deze redenen dat wij u lauweren met onze onderscheiding voor bijzondere vrijwilligers, de Zilveren Anjer. Uw werken zijn stevige ankers in de landschapsgeschiedenis. Vergelijkbaar met de Plompe Toren van Koudekerke, de toren die altijd stand heeft gehouden. Want ook úw atlassen zijn fiere Zeeuwse monumenten waaruit toekomstige generaties volop kennis en inspiratie kunnen putten. Meneer Bos, als voorbeeldig ambassadeur van Zeeland, heeft u de Zilveren Anjer zeer verdiend.