Niet zomaar een leuke volksdansclub

Niet zomaar een leuke volksdansclub

Nergens vind je zoveel folkloristische dansverenigingen als in Twente en de Achterhoek. De Stedeker Daansers vieren dit jaar hun 55-jarig bestaan - reden genoeg om eens te kijken hoe het eraan toegaat op de volksdansclub!

Door Eduard van Holst Pellekaan, illustraties Karst-Janneke Rogaar

De Stedeker Daansers zijn in 1965 opgericht in het Twentse ‘stedeke’ Diepenheim – een dorp met 2700 inwoners en stadsrechten sinds de dertiende eeuw. Aanleiding was het bevrijdingsfeest op 5 mei. Er was behoefte aan een folkloristisch onderdeel en zo werden de Stedeker Daansers geboren. 

In de loop der jaren zou de groep uitgroeien tot zo’n 50 leden. In de jaren zeventig kwamen daar enkele tientallen Krummeltjes bij – de jeugdafdeling.

Tijdens hun optredens – op (internationale) festivals, markten en in verzorgingshuizen – presenteren de Stedeker Daansers muziek, dansen en liedjes van rond 1900. Accordeon en harmonica begeleiden een mix van oorspronkelijk buitenlandse dansen, zoals de Veleta, Duitse polka en Spaanse wals. En regionale dansen zoals de Driekusman, de Hoksebarge en het humoristische Smiet oe wief weg.

“Folklore is folklore – daar sleutel je niet aan” - Dansleider Herma Vereijken (54)

Een eigen internationaal folklorefestival

Tijdens hun optredens – op (internationale) festivals, markten en in verzorgingshuizen – presenteren de Stedeker Daansers muziek, dansen en liedjes van rond 1900. Accordeon en harmonica begeleiden een mix van oorspronkelijk buitenlandse dansen, zoals de Veleta, Duitse polka en Spaanse wals. En regionale dansen zoals de Driekusman, de Hoksebarge en het humoristische Smiet oe wief weg.

De heren dragen een zwart lakens pak met een pet en zwarte schoenen of witte klompen. De dames zwarte en gestreepte rokken, een grijsblauw schort en een witte knipmuts. De schijn van eenvoud bedriegt. De knipmuts, bijvoorbeeld, is van kant en tule en zit heel geraffineerd in elkaar. De groep beschikt ook over fraaie sieraden voor speciale gelegenheden. Naast de dansshows voeren de Stededer Daansers ook kledingshows op.

Net als veel andere folkloristische verenigingen vergrijst de groep en is nieuwe leden vinden moeilijk. Er wordt samengewerkt met een bevriende vereniging uit het nabije Delden, zodat er altijd genoeg dansers zijn voor een optreden.

Elke vijf jaar vieren de Stedeker Daansers hun lustrum met een eigen internationaal folklorefestival in mei en juni. Heel Diepenheim is dan in de ban van het feest en dat levert doorgaans nieuwe leden op. Door de coronacrisis moest het festival dit jaar helaas worden afgelast.  

Dansen op klompen is een kunst op zich

Penningmeester Nico van den Einde (68): “Je zou misschien denken dat wat we doen een beetje hupsen op klompen is. Maar als je een volledige show van 45 minuten hebt gedaan, baad je in het zweet. De choreografieën zijn niet heel moeilijk, maar dansen op klompen is een kunst op zich.”

“We treden al meer dan 25 jaar op in het introductieprogramma voor internationale studenten die in Delft komen studeren. Daar vertegenwoordigen wij dan de Nederlandse folklore. Zij vinden ons enorm exotisch. Dat geldt ook als we op internationale folklorefestivals optreden. Groepen uit India, Mexico en Kroatië zijn bijvoorbeeld superkleurrijk. Maar voor hen zijn wij net zo apart.”

“We hadden ons 5-jaarlijkse Internationale Folkloristische festival in mei en juni al rond. Met vijf groepen uit Italië, Polen, Ierland, Portugal en Duitsland. Dan heb je zo’n 125 gasten die je onderbrengt bij gastgezinnen in Diepenheim en omgeving.”

“Het is heel jammer dat we door de coronacrisis alles hebben moeten afgelasten. Het is een enorm sociaal gebeuren waar 5000 bezoekers op af komen. We missen zo ook de gelegenheid om mensen weer enthousiast te maken voor de vereniging.”

“Het mooiste is het contact dat je met elkaar maakt”
- Voorzitter Henk Boswinkel en partner Wilma

Voorzitter Henk Boswinkel en partner Wilma: “Een bijzondere kant aan de Stedeker Daansers vinden we de fantastische reizen die we maken. We hebben veel opgetreden op Europese festivals, maar ook in landen als Mexico, Jordanië en Nepal.

In Nepal traden we op voor 40.000 mensen en werden we ontvangen door de president van het land. Het mooiste is het contact dat je met elkaar maakt. Je logeert bij de mensen thuis en krijgt echt een beeld van hoe ze leven. Zo’n reis is een feest van uitwisseling en broederschap.”

Het Cultuurfonds Magazine

Meer artikelen als deze lezen?  Ontvang gratis het Cultuurfonds Magazine! Elk nummer krijg je een kijkje in de keuken van een vereniging. Daarnaast is het bomvol interviews en inspirerende cultuurtips over mode, design, literatuur en natuur.