De visuele rijkdom van stillevens

De visuele rijkdom van stillevens

Met de aankoop van het 17de eeuwse schilderij ‘Bloemstilleven met een keizerskroon in een stenen nis’ is de topcollectie van het vroege Hollandse stilleven in het Rijksmuseum op hoog niveau aangevuld.  Pieter Roelofs, hoofd Schilder-en Beeldhouwkunst van het Rijksmuseum, licht het werk toe, evenals werken van drie tijdgenoten van Vosmaer. 

Mirjam van der Linden

Toen het Rijksmuseum na de sluiting vanwege de uitbraak van corona op 1 juni weer open mocht, hing daar in de Eregalerij een gloednieuw bloemstilleven, van Jacob Vosmaer. Het meesterwerk, dat veel internationaal op reis is geweest dankzij de genereuze medewerking van de particuliere eigenaren, stond sinds de jaren ’90 op het verlanglijstje van het museum. 

In oktober 2019 deed zich de kans voor het aan te kopen. Met snelle steun van publieke en private fondsen, waaronder Vereniging Rembrandt, is ‘Bloemstilleven met een keizerskroon in een stenen nis’ nu definitief in het publieke domein beland en behouden voor Nederland. Pieter Roelofs, hoofd Schilder- en Beeldhouwkunst van het Rijksmuseum, licht het schilderij toe, evenals drie tijdgenoten van Vosmaer die samen met hem de glorieuze geboorte van het Hollandse stilleven markeren.


  •  
    "Dit stilleven is een choreografie. Er zit beweging in, een van de grootste uitdagingen voor een schilder van roerloze objecten"
    Pieter Rolofs, hoofd Schilder-en Beeldhouwkunst van het Rijksmuseum

Bloemstilleven met een keizerskroon in een stenen nis – Jacob Vosmaer, 1613

Pieter Roelofs: “Dit stilleven is een choreografie. Er zit beweging in, een van de grootste uitdagingen voor een schilder van roerloze objecten. De bloemen kronkelen alle kanten op en je oog reist onvermijdelijk van het ene naar het andere prachtexemplaar, de zeldzame oranje keizerskroon uit Azië letterlijk als kroon op de compositie. 

“Deze speelsheid maakt het tot een absoluut hoogtepunt van het bloemstilleven, een genre dat pas enkele jaren eerder vanuit Vlaanderen was opgekomen. Ook het grote formaat en het bonte kleurenpalet zijn uitzonderlijk. Wat Vosmaer hier doet, had nog niemand in het Noorden gedaan. Het muisje linksonder maakt het geheel nog realistischer. 

“Een stilleven suggereert een spiegel van de werkelijkheid te zijn, maar is vaker nog een verbetering van de werkelijkheid. De bloemen die hier worden gecombineerd, bloeien in het echt nooit tegelijkertijd. Ook was het nog helemaal niet gebruikelijk om dit soort bloemstukken in je huis neer te zetten.”

Gun jezelf slow looking

Stilleven met kalkoenpastei, Pieter Claesz., 1627

“Pasteien waren in de 17e eeuw toonbeelden van overdaad én excentriciteit: er vlogen soms zelfs vogeltjes uit als je ze doorsneed. Op dit a-centrische ‘banketje’ werkt alles toe naar die kalkoenpastei rechtsboven, met de dode vogel als deksel. Het is een en al visuele rijkdom: in het kleine pasteitje zitten exotische vruchten en kruiden, zoals kaneel en kruidnagel. 

“De pronkbeker is gemaakt van de nautilusschelp uit de Stille Zuidzee, het porselein komt uit China en het zout is overgevaren uit Zuid- of Midden-Amerika. Dit werk is extreem zintuigelijk geschilderd, je kunt de geuren bijna ruiken. Het doek wil meer dan het in verf kan. 

“Pieter Claesz. geeft je het gevoel dat deze dis voor je neus in gebruik is:het pasteitje is opengesneden, er liggen gepelde hazelnoten, de citroen en het brood zijn net aangesneden. Heel beweeglijk en levendig ook weer, met krullende schillen en gewelfde sneetjes. Meesterlijk detail: de weerspiegeling in de bolling van de kan. Gun jezelf ‘slow looking’, dan gaat er een wereld voor je open.”

Erotisch, pornografisch werk  

Emblematisch stilleven met kan, glas, kruik en breidel, Johannes Torrentius, 1614

“Dit schilderij is te klein voor de Eregalerij. Het moet ietwat van beneden kunnen worden bekeken en dus iets hoger dan ooghoogte hangen. In de Eregalerij zou het dan ‘wegvliegen’, die ruimte is te groots. Maar Torrentius is wel degelijk een uitzonderlijk kunstenaar, een vernieuwer, geroemd in de geest van Rembrandt en Lievens. 

“Met zijn erotisch, pornografisch werk overschreed hij de fatsoensgrenzen. Onder andere daarvoor belandde hij in de kerker onder het stadhuis van Haarlem. Met dit stilleven, begin 20e eeuw teruggevonden als deksel op een rozijnenvat, hield hij de kijker, en natuurlijk zijn criticasters, een spiegel voor. Het maant tot matigheid. Beteugel je lusten! 

“Vandaar het paardenholster – de breidel – en het water in de kruik om de wijn mee aan te lengen. Uniek is dat er maar één verflaag is. We weten nog altijd niet hoe hij dat voor elkaar heeft gekregen. Hij zou een camera obscura of een bruisend goedje hebben gebruikt. De verschillende materialen – aardewerk, glas, tin – spatten door het juiste licht van het doek. Ook hiermee toonden stillevenschilders hun virtuositeit.”

17e eeuws kaasplankje  

Stilleven met kazen – Floris Claesz. van Dijck, ca. 1615

“Ook deze opdrachtgever wilde laten zien dat hij een man van de wereld was, waarschijnlijk iemand uit de middenklasse. De tafel is versierd met kostbaar damast en porselein uit verre oorden, je kunt kiezen uit meerdere kazen. Grote, gerijpte kazen. 

“Wat hier is afgebeeld, at men als dessert. Een 17e eeuws kaasplankje inderdaad. Een gids in het Midden-Oosten hoorde ik ooit uitroepen: hier moet iets vreselijks zijn gebeurd, een rijk gevulde tafel die in allerijl is verlaten! Zo neemt iedere kijker zijn eigen perspectief mee. Voor mij staat hier de compositie centraal. 

“Om spanning en dramatiek in een stilleven te krijgen, is de samenhang tussen de objecten essentieel. Zie de reflectie van de schaal in de kaas en de weerspiegeling van het raam in het roemerglas en het tafelkleed. Of dat bord en die appelschil die net over de rand van de tafel hangen. De schilders van toen waren waanzinnige observatoren. De cultuur was heel visueel, voor elke beurs was er wel een schilderij.”